Navigatie overslaan.
Start
tegen de lawaai- en trillingsoverlast van het Zeeuwse spoor

Verslag zitting Raad van State

Maandag 9 oktober diende bij de Raad van State in Den Haag de zaak die ProRail, samen met Railion en Zeeland Seaports had aangespannen tegen het Ministerie van VROM. Het koste enige moeite, maar ook Peter Gruijters en Ton Reimerink mochten er voor BAS het woord voeren. Hieronder hun verslag

Vooreerst, waar ging het om.
Aan de orde was een voorlopige voorziening, aangevraagd door ProRail samen met Railion en Zeeland Seaports. Bij een voorlopige voorziening neemt de Raad van State een feitelijke beslissing, het juridisch aspect komt nog niet aan de orde. Bij de behandeling in de z.g. bodemprocedure komt het juridisch aspect wel helemaal aan de orde. De uitspraak na de behandeling van de voorlopige voorziening geeft vaak al wel aan welke kant het bij de bodemprocedure zal uitgaan.

De voorlopige voorziening ging over de beschikkingen, die Staatssecretaris van Geel kortgeleden heeft genomen over de maatregelen, die aan het spoor getroffen moeten worden om in 2009 de geluidsbelastingen aan de woningen langs het spoor niet boven de maximum toelaatbare waarde te laten komen. ProRail heeft daarvoor een voorstel gedaan en dat ter goedkeuring aan de Staatssecretaris voorgelegd. De Staatssecretaris heeft aan die voorgestelde maatregelen enkele maatregelen toegevoegd t.w. een snelheidsbeperking voor het goederenvervoer (in de nacht en de avond tot 60 km/uur) en een beperking van het aantal bakken in de nacht en de avond voor goederentreinen. Dit alles tot 2009 want dan moeten alle maatregelen zijn uitgevoerd.

ProRail c.s. was van mening dat de Staatssecretaris niet de bevoegdheid heeft om aanvullende maatregelen in zijn beschikkingen op te nemen. ProRail c.s. vroeg de Raad van State in een voorlopige voorziening die aanvullende maatregelen te schorsen.

De staatsraad, die de zitting voorzat en ook binnen enkele weken een besluit zal nemen over de gevraagde voorlopige voorziening was dhr. Drupsteen. Dhr. Drupsteen kende de stukken uitstekend en stelde de partijen messcherpe vragen.

Bas was op de zitting aanwezig als z.g. derde belanghebbende, alleen indirect betrokken bij de aanvraag van de voorlopige voorlopige voorziening.

Door BAS is op de zitting duidelijk gemaakt hoe groot de overlast is en dat die overlast bestaat uit geluidsoverlast èn trillingsoverlast, dat die overlast al drie jaren duurt, dat tegenwoordig de autotreinen ook 's nachts rijden en dat het niet aanvaardbaar is dat zulks nog drie jaar voortduurt. Met een grafiek, altijd beter dan droge getallen, is de toename van het goederentreinverkeer nog extra verhelderd.

ProRail voerde als argument aan dat in artikel 26a van het Besluit Geluidhinder Spoorwegen is vastgelegd waaraan een programma van maatregelen, dat de aanwonenden tegen geluidsoverlast moet beschermen moet voldoen. Artikel 26a stelt dat het eerst in aanmerking komen maatregelen aan het spoor. Dit was de kern van het betoog van ProRail. 'Aan' het spoor betekent aan de rails, of aan de bielzen, of aan de fundering etc. Verminderen van de snelheid en/of minder bakken is niet 'aan' het spoor. Dat is aan de treinen, volgens ProRail. De vertegenwoordiger van de Minister bracht naar voren dat uit de toelichting op artikel 26a blijkt dat dit soort maatregelen daar wel onder kunnen vallen. Over een paar weken zullen we weten wie gelijk krijgt.

De staatsraad vroeg ook nadrukkelijk waarom er niet beter overleg had plaats gevonden tussen het ministerie en ProRail. Op de zitting bleek dat ProRail niet bereid was te overleggen met de Staatssecretaris wanneer Railion en Zeeland Seaports daar niet bij waren. Dan konden alle belangen in het overleg naar voren gebracht worden. De Staatssecretaris vond dat niet nodig en daarop besloot ProRail niet alleen te komen. Een droevige zaak, ook naar de mening van de staatsraad; onenigheid tussen een overheidsorgaan en een semi- overheidsorgaan bemoeilijkt het vinden van een oplossing voor de geluidsoverlast.

De staatsraad benadrukte dat er, los van juridische aspecten, een oplossing moet komen; de aanwonenden hebben teveel overlast van de goederentreinen. Hij gaf aan dat het ook een verantwoordelijkheid van ProRail is om een oplossing te vinden.

Wanneer ProRail c.s. gelijk krijgt is er zeker tot 2009 veel overlast. In 2009 moeten de uitgevoerde maatregelen er voor zorgen dat de geluidsbelasting niet boven de maximaal toegestane waarden komt. BAS is van mening dat die maatregelen onvoldoende zijn en daarvoor zijn uitgebreide bezwaarschriften ingediend. Maar die bezwaarschriften waren niet aan de orde tijdens de zitting bij de Raad van State. Die komen aan de orde begin november bij hoorzittingen georganiseerd door het ministerie van VROM.

Zeer ongebruikelijk, maar wel heel goed, probeerde de staatsraad te bemiddelen. Hij vroeg zich af of er geen andere oplossingen waren. Zo vroeg hij ProRail en Railion wat toch het bezwaar was om 's nachts 60 km/uur te rijden en waarom ook niet 's avonds. Daar kwamen geen overtuigende antwoorden op. De staatsraad stelde ook dat op veel van zijn vragen onvoldoende antwoorden kwamen. Partijen weerspraken dat niet. De staatsraad vroeg  of het niet mogelijk was bij woonconcentraties langzamer te rijden en dan niet af te remmen want dat maakt veel lawaai, maar uit te rollen. Op verzoek van de staatsraad neemt Railion het initiatief om te onderzoeken of 's nachts en gedurende grote delen van de avond niet langzamer gereden kan worden.

Railion is heden de enige vervoerder op de Zeeuwse lijn.

Na 4 uren, van 11.00 tot 15.00 uur, zonder pauze, verlieten we de zittingzaal. Wat de uitspraak zal zijn durven wij niet te voorspellen.

Peter Gruijters en Ton Reimerink

Nieuwe reactie inzenden

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.